Het leven is als een spekkoek.
Laagjes. Veel laagjes.


Waarom
 we elkaar verhalen vertellen, heb ik in een eerdere blog uiteengezet.
Deze keer ga ik dieper in op het waartoe wij vertellen.

De waartoe is vaak een moeilijke, en wellicht staan we er om die reden niet genoeg bij stil. Deze gaat voorbij aan het letterlijke, je zegt niet daadwerkelijk wat je lijkt te zeggen.
Dit betekent niet dat het niet te volgen is. Er zit wel degelijk logica in – niet die van de rede, maar een emotionele logica.

Ik hoor het je denken: komt ze weer met haar gelaagde werkelijkheid. Dat is mijn (Oost-Indische) wijsheid aan jou – het leven is als een spekkoek: laagjes. Veel laagjes.
Oefen jezelf in kijken op verschillende lagen, zonder de cake als geheel uit het oog te verliezen. Want buiten de context heb je geen idee waar je naar kijkt. 

Wanneer de verschillende lagen niet met elkaar in overeenstemming zijn, kan contact energie vreten. Je pikt voortdurend (onbewust) signalen op die haaks staan op wat er gezegd en gedaan wordt – incongruentie, noemen we dat. En hierdoor worden we alert, wat voor een kort moment te doen is, maar voor uren achtereen is het slopend. 

Het vervelende is dat je hierbij niet op vorm af kan gaan. Iemand die aanbiedt om je ergens mee te helpen kan een geschenk lijken, maar op een andere laag kan diegene smeken om waardering. Maar je kan ook weer niet beweren dat dit voor élk aanbod om te helpen opgaat.
En zo heb je ongetwijfeld zelf situaties meegemaakt waarin je incongruentie oppikte – dit herken je niet aan vorm, maar aan dat je je verward voelt of geïrriteerd, zonder dat je echt begrijpt waar dat vandaan komt. 

Waartoe zouden we in bedekte termen communiceren? Waartoe dient het om een vorm te kiezen die zo sterk afleidt van de boodschap, dat vrijwel niemand de échte boodschap opmerkt? 

Om dit in te kunnen voelen, is het nodig dat we beseffen dat we allemaal de wereld waarnemen zoals we deze hebben leren zien. Niet de wereld zoals deze ís, maar zoals wij hebben geléérd dat zij is. We kijken naar een beeld van de werkelijkheid, in plaats van naar de werkelijkheid zelf. Plato vertelde ons hier al over middels zijn allegorie van de grot.

Met verhullende communicatie echoën we ons verleden: we tonen wat we wel en niet mochten zeggen, wat we wel en niet hebben leren zien.
Dat is inderdaad de waarom, niet de waartoe. Maar die liggen in dit geval in elkaars verlengde. Want hoe kan je vragen naar waar je geen woorden voor hebt, naar wat je nooit hebt leren zien?
George Orwell toont ons in zijn boek ‘1984’ dat het ontbreken van woorden of ervaringen niet maakt dat we stoppen met zoeken, maar dat het zoeken en vragen daardoor wel een heel stuk moeilijker wordt.
En hoe vraag je hulp als je geen idee hebt wat voor hulp je nodig hebt?
Je laat zien waar het pijn doet, of wat je pijn heeft gedaan. 
Dit bedoelen Boeddhisten met: ‘mensen tonen je hun pijn’ – we tonen elkaar middels onze manier van communiceren in welke richting onze pijn zit. In de hoop dat er op een dag iemand verstaat wat we werkelijk zeggen, en ons helpt te leren zien wat we nooit geleerd hebben te zien, maar al die tijd gezocht hebben.

Dit is waartoe wij communiceren. Het is leuk als mensen de vorm waarderen, maar het is helend wanneer ze de inhoud verstaan.
Tegelijk vrezen we dit moment dat iemand ons beter verstaat dan we hadden verwacht. Dat iemand door onze woorden heen écht hoort wat we zeggen. We vrezen dit misschien nog wel meer dan de pijn van de eenzaamheid van ongezien blijven. Maar ‘mensen verstoppen zich om gevonden te worden,’ aldus Carl Rogers. 

Meer weten?
Het boek Geweldloze Communicatie (NonViolent Communication), door grondlegger Marshall Rosenberg is een aanrader om te beginnen met uiten wat je werkelijk wilt zeggen.
Dit boek en nog een ander vind je ook onder Aanbevolen (derde en vierde van onder). Daarbij staat ook een korte beschrijving van wat ik er zo fijn aan vond. 


Affiliate link. Artikel niet vanuit sponsoring of enige vorm van opdracht geschreven.

Leave a comment

Your email address will not be published.